Taal.

 

Taalprotocol Borne NL

Taalprotocol Borne NT2

Kinderen begrijpen taal al lang voordat ze zelf kunnen praten. Dat verschil tussen begrijpen en spreken kan heel groot zijn. Kinderen die nog niets kunnen zeggen, kunnen dus vaak wel ingewikkelde opdrachten begrijpen en uitvoeren. De eerste woordjes komen gemiddeld rond de eerste verjaardag. Maar het verschil tussen kinderen is enorm. Een kind dat vroeg praat, is niet slimmer dan een kind dat laat praat. Mama, papa, opa en oma, auto en poes zijn heel populair als eerste woordjes. Kinderen vinden niet alle woorden even makkelijk. Zelfs niet alle woorden van tweelettergrepen. Als de klemtoon op de eerste lettergreep valt (zoals bij mama) is het woord eenvoudiger voor een kind dan wanneer de klemtoon op de tweede lettergreep valt (zoals bij konijn) Als een kind ongeveer honderd woordjes kent, volgt een woordenschatexplosie. Opeens leren ze wel 10 woordjes per dag. Maar het komt ook wel voor dat kinderen ogenschijnlijk een poos stil staan. Dat kan wel een half jaar duren. Rond de drie jaar zie je dat sommige kinderen struikelen over hun woorden, of stotteren. Hun taalkennis breidt zich steeds meer uit en ze hebben moeite om snel genoeg het juiste woord te vinden. Meestal gaat dit vanzelf over. Is het stotteren na een paar maanden nog niet over, dan is het verstandig om eens bij een logopedist langs te gaan. Als kinderen zo’n 3 ½ jaar zijn, kunnen ze alle klanken uitspreken, maar nog niet op alle plekken in het woord. De letter P aan het begin van het woord is bijvoorbeeld eenvoudig uit te spreken. Met de P aan het eind van een woord hebben kinderen meer moeite. Probeer je kind niet teveel te wijzen op taalfouten. Je hebt de kans dat ze hun mond niet meer open durven te doen. Beter is om de zin te herhalen. Hiermee kan je controleren of je goed begrepen hebt wat je kind wilde zeggen en je kind hoort het dan in de juiste volgorde.

± 8 maanden na de geboorte begint de baby de eerste woordjes te uiten. Hij 'kent' dan onbewust de klanken en de woordstructuren van de moedertaal (= fonologische regels)
± 18 maanden na de geboorte begint de baby de eerste tweewoord zinnen te gebruiken: 'koekie ete'. Hij 'kent' dan onbewust de woordvolgorde van de taal (= grammaticale regels) en de betekenis van de gesproken woorden. (= semantische regels)
± 30 maanden na de geboorte komen de eerste voorzetsels in de zin: de kleuter ontdekt de ruimte.
± 6 jaar na de geboorte spreekt de kleuter in een notendop de taal van de volwassenen. Hij gebruikt de vraagzin, de gewone zin, de gebiedende wijs in hoofdzinnen en bijzinnen.
± 6 jaar en 6 maanden = het keerpunt.: de schoolrijpheid breekt aan. Wat het kind hiervoor onbewust heeft verworven, moet het vanaf dit moment bewust leren.

 

Bij twijfel of zorg rondom de taal- en spraakontwikkeling van uw kind kunt u een afspraak maken met de logopediste van de GGD. Zij kan uw kind screenen en evt. doorverwijzen.

Monique Wonink-Schulten  | logopedist |

M +31(0)6 57 93 63 47 |

m.wonink@ggdtwente.nl | www.ggdtwente.nl